Beelddenken

Je hoort de laatste tijd steeds vaker de term beelddenken. Toch is het niets nieuws. Al in 1947 kwam Maria Krabbe, een logopediste, met een omschrijving van deze manier van leren.

Beelddenken is denken in (eigen)beelden en gebeurtenissen.

Het kan worden omschreven als ruimtelijk denken.

Beelddenkers ordenen hun 'wereld' met niet-talige middelen.

Zij zien beelden van situaties en handelingen, waarin  meerdere zaken naast elkaar zichtbaar worden,

op elkaar inwerken en een betekenisvol geheel vormen.

Het is een dynamisch en woordloos denken, een manipuleren met ruimtelijke voorstellingen.


Beelddenken is een manier van leren en ervaren. Een manier die we, vanaf onze geboorte, allemaal gebruiken. Dan kunnen we immers nog niets met taal. We kennen geen woorden en kunnen nog niet praten. We gebruiken al onze zintuigen. We leren door te kijken, te luisteren, te voelen, te ruiken en te proeven.

Als we ouder worden leren we steeds meer taal en de vaardigheden die daarbij horen. Bij de beelden die we hebben opgeslagen horen woorden. Zo leren we steeds meer onze wereld met taal te ordenen. We leren over volgorde en krijgen informatie stap voor stap aangeboden. 
Dit onbewuste proces duurt tot we ongeveer 9 jaar zijn. Naast de ruimtelijk-visuele manier van leren, wat we beelddenken noemen, hebben we dan ook de beschikking over een auditief-volgordelijke manier van leren, welke we taaldenken noemen.

Ook ons onderwijssysteem is hierop ingericht. In de jongste groepen is er veel ruimte voor het multi- zintuigelijk leren. Vanaf groep 4 komt de nadruk steeds meer te liggen op de talige kant. Ontdekken maakt plaats voor verbale instructie. Vanuit een onderwerp aan de slag gaan (overzicht) wordt steeds meer, stap voor stap naar een doel toewerken (details).

We zien steeds meer kinderen die een voorkeur blijven houden voor het ruimtelijke visuele leren. Deze kinderen noemen we beelddenkers.

  1. Zij leren vanuit het overzicht.
  2. Zij leren multi-zintuigelijk;met gebruik van alle zintuigen bouwen zij een beeld op.
  3. Zij hebben moeite met het verwerken van verbale informatie.
  4. Zij zijn vaak heel gevoelig waardoor er veel prikkels binnenkomen.
  5. Zij zijn slim en associëren razendsnel met de informatie die zij hebben opgeslagen.

Wit u meer kenmerken zien van beelddenkers? Klik dan hier.

Kinderen zijn zich niet bewust van  hun manier van leren. Zij denken dat iedereen de wereld ziet zoals zij dat zien. Moeite met lezen, spelling en/of automatiseren kunnen hun oorzaak hebben in de manier van leren. Ook angsten, concentratieproblemen en een hoge prikkelgevoeligheid zien we vaak bij beelddenkers.

Naar boven ↑